Overstekend Wild


In de spits reed ik vanochtend over de Peizerweg naar de ringweg. Ik klooide met mijn sproeiers. Telkens als ik de voorruit sproeide en de ruitenwissers gebruikte, vroor de vloeistof toch vast. Het was min vijf. Ik tuurde tussen de bevroren deeltjes. Het zicht was beperkt. Ineens zag ik een schim op mij afkomen. Een fietser, dacht ik, die tegen het verkeer in reed. Ik sperde mijn ogen verder open, sproeide nogmaals en net voordat mij het zicht op de weg weer onttrokken werd, zag ik wat op mij afkwam. Ik kon de wagen net naar rechts bewegen. Ik keek door mijn rechterraampje en zag hoe een verschrikt reetje zich wanhopig manoeuvreerde door het ochtendverkeer. In mijn achteruitkijkspiegel zag ik het dier het fietspad opschieten. Ik kon niet stoppen, moest mijn aandacht bij het verkeer houden. Opgelucht bemerkte ik dat de ruit nu ontdooid was. Voorzichtig schoof ik aan in de file op de ring.

's Avonds checkte ik het internet. Ik kon geen meldingen vinden van een ongeluk met een ree. Gelukkig maar.

Het wordt tijd dat de winter plaats maakt voor de lente.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Laat hier je reactie op het bericht achter.