Shit happens


Onze hond poept elke dag. Hij is er erg goed in. Omdat wij voedsel van hoge kwaliteit aanbieden, zijn zijn drollen lekker stevig en compact. Het liefst doet hij zijn behoefte op een bedje van gras. In zijn opvoeding leren wij hem in de goot te poepen. Maar het is de natuur hè? Dus die goot laat hij graag links liggen. Als baasje sta je er bescheten bij. Ik hoop altijd dat hij het doet als er niemand in de buurt is. Om eerlijk te zijn kijk ik wel of hij goed zijn best doet. Ook houd ik in de gaten of het geen dunne poep is. Ik volg zijn stoelgang met intense belangstelling. Al besef ik dat het vreemd kan overkomen om de poepstroom nauwlettend te observeren. Een hond heeft duidelijk geen privacy.
Officieel ruim ik het bruine goedje op. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik af en toe wat achterstallig onderhoud moet verrichten. Dan loop ik met de schop door de straat en ruim ik op. Droge drollen mik ik in de put. Soms laat ik het voor wat het is, even geen zin. Laatst werd ik betrapt. Ik lette even niet op en de hond zag zijn kans schoon. Ik kon alleen maar toekijken. Aan de overkant van de straat ging een deur open. Een buurman riep bars of ik het ook even ging opruimen, want er spelen kinderen op dat veldje. Ja hoor, antwoordde ik gehaast, ik doe het straks. Een morele verplichting. Toen ik met mijn schop terugkeerde op het crime scene, voelde ik hoe hij achter het rolgordijn mij stond te controleren.
Binnenkort is het opruimen in mijn stad een officiële verplichting. Honden mogen dan alleen op aangewezen plekken los worden uitgelaten. Ook moet ik op straffe van een boete de poephoop opruimen. Standaard een schepje en een zakje mee. Vanmiddag trof ik op de markt een voorlichtingskraam van de gemeente aan. Nieuw beleid vergt natuurlijk draagvlak. Het was een drukte van belang. De gemeenteman, keurig gestoken in een maatpak met een iets te flamboyante das, was ter plaatse om het voorgenomen beleid toe te lichten. Naast voorlichting kon de belangstellende burger ook inspraak uitoefenen. Op een kaart van de situatie ter plaatse was met diverse kleuren aangegeven waar gepoept, gespeeld en geraasd mocht worden. Met kleine groene fiches (uit het vlooienspel) kon de burger aangeven welke gebieden ook als hondenterrein moesten worden aangewezen. De stad kleurde bijna geheel groen. Een hondenbezitter met een lange paardenstaart legde de gemeenteambtenaar omstandig uit waarom hij het plan idioot vond. Hij moest het hele Stadspark doorlopen met zijn hond eer hij bij de hondenzone was. En dat met een versleten heup. De gemeentemedewerker, die een broodje haring met uitjes wegknaagde, knikte begripvol. Hij raadde de man aan om een formulier in te vullen zodat de klacht binnen de gemeente bekend werd. Natuurlijk wilde de manke hondenbaas dit doen, al had hij natuurlijk al een e-mail gestuurd naar het hondenloket. Prima, zei de projectleider Hond, op zijn das prijkte stukje ui.
Na de rokers worden nu de hondenbezitters aangepakt. De overheid als klachtenbureau; de burger klaagt en de gemeente treedt op. Het voorgenomen beleid lijkt een inperking van de bewegingsvrijheid van de honden. Heel onvriendelijk voor honden. De gemeente leek dit te beseffen. Om de pijn te verzachten bood de stad in de voorlichtingskraam hondenbotten aan. Een botje voor het bloeden.
Vanochtend heb ik mijn hond laten poepen in de goot. Met een steen wist ik de drol te verstoppen. Schielijk keek ik om mij heen. Niemand had het gezien. Snel doorlopen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Laat hier je reactie op het bericht achter.