De Zeven dagen van Den Uyl: tv en geschiedenis

De VARA zond vanavond het eerste deel uit van ‘De zeven dagen van Den Uyl’, de driedelige dramaserie over Den Uyl en het Lockheedschandaal. Prins Bernhard had geld nodig voor zijn buitenechtelijke kinderen. Dit ritselde hij door zich te laten betalen door de Amerikaanse vliegtuigbouwer. In ruil daarvoor zou hij orders regelen in Nederland. Een spannend gegeven, on-Nederlands. Den Uyl kreeg de taak om als socialist, als leider van het meest progressieve kabinet ooit, als verre opvolger van Troelstra – die de revolutie ooit uitriep - de kastanjes uit het vuur te halen. De waarheid moest boven tafel komen, het koningshuis mocht niet ten onder gaan, de prins moest waardig bestraft worden, om maar een paar hete aardappels te noemen. Den-Uyl- biografe Annet Bleich heeft het beschreven in haar boek ‘Den Uyl’. In zoverre niets nieuws onder de zon. Als onthulling bracht zij het nieuwtje dat de sociaal-democratisch premier een dossier met een andere omkopingszaak van Bernhard in de la liet liggen. In de tv-serie wordt hiermee wel zeer nadrukkelijk gespeeld. Maar dat wisten we al.

Het begint iets van een traditie te worden: moderne politieke geschiedenis in tv-drama’s. De geschiedenis van Bernhard werd in ‘Schavuit van Oranje’ verbeeld, Wilhelmina kwam aan bod in ‘Wilhelmina’ en ook Juliana kreeg haar serie onder haar eigen naam. Onlangs liet ‘De Troon’ ons genieten van de drie koningen Willem. Ook de affaires van het koningshuis zijn in series op de buis verschenen. De entree van Maxima en de affaire Mabel (‘De Kroon’ en ‘Het meisje en de prins’) konden we op tv bekijken. Thomas Ross heeft net een serie geschreven over Beatrix. De VPRO gaat die uitzenden. In al die producties figureren politici die te dealen hebben met de gevoeligheden die het Koninklijk Huis met zich meebrengt. Zo hebben we Kok zien zwoegen met de vader van Maxima en nu dus Den Uyl met Bernhard. Het is blijkbaar interessant te kijken naar welke geheime geschiedenissen zich achter de muren van Paleis en het Torentje afspelen.

De serie over Den Uyl heeft iets Amerikaans. Alsof je zit te kijken naar JFK van Oliver Stone. Oude nieuwsfragmenten en nagespeelde verhoren, gebaseerd op originele verslagen, worden door het verhaal heen gesneden. Ondertussen volgen we de hoofdpersoon in zijn strijd. Hij verschijnt in vergaderingen, moet de pers te woord staan, komt af en toe thuis waar hij met vrouw en kinderen te dealen krijgt. Zo deed Stone het met openbaar aanklager Garrison, en zo zagen we het vanavond Den Uyl doen. Het levert op verschillende manieren interessante televisie op.

Het is prima dat de geschiedenis wordt vastgelegd in gedramatiseerd beeld. Natuurlijk is het uitvoerig gedocumenteerd in Bleichs biografie en op andere plaatsen. Maar met een tv-serie bereik je meer mensen. Gevaar is wel dat het indringende karakter van tv ervoor zorgt dat dit het beeld van de werkelijkheid wordt. In die zin is de macht van de tv nog altijd groot.

Een ander nadeel is dat je als kijker heel erg gaat kijken of alles wel klopt. De auto’s, het meubilair, de beschuitbus, de telefoons en natuurlijk bij dit soort drama’s: is de koning goed gekozen en is het accent van Bernhard treffend? De karikatuur van Van Agt leek te zijn gekomen uit de afvalbak van Koefnoen. Of je gaat letten op de maniertjes die de acteur gebruikt die Den Uyl speelt: zal ie morsen met zijn sigaar, gaat hij zijn bril op en af zetten en zal hij onhandig iets laten vallen? Ook kun je zitten wachten op de onvermijdelijke anekdotische liflafjes: Den Uyl en het ping-pongspel, Den Uyl en het broodjes kaas met melk, Den Uyl met de tent op vakantie, Den Uyl die vriendelijk doet tegen zijn chauffeur, het zat er allemaal in.

Toch heb ik met genoegen gekeken. Ons (koninklijk) verleden is interessant genoeg om politieke historische dramaseries te maken. Wat dat betreft mogen we Bernhard en de zijnen wel dankbaar z

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Laat hier je reactie op het bericht achter.