Sint Maarten slot

Onrust heerste gisteren in ons huis. Zeker toen vanaf half zes de prille tieners van groep 8 binnenstormden. Dochter organiseert graag haar eigen feestjes, goede eigenschap dunkt me. Dus vertelde ze vorige week dat ze met z’n tienen Sintmaarten zouden lopen. En vooraf kwam de groep hier eten. En of mama voor poffertjes wilde zorgen.

Buiten nam de najaarsstorm aan kracht toe. De wind veegde menig mantel uit. Blaadjes dwarrelden niet langer, de storm joeg ze door de lucht. Uit school nam dochter alvast een van haar vriendinnen mee naar huis. Blosjes op de wangen en de kwebbels in de aanslag. Iets warms drinken en veel speculaasjes opknagen. Na enige tijd hoorde ik gestommel op de trap; vanuit heel het huis verzamelden de twee eettafelstoelen. De loodzware tafel was verschoven en lag bezaaid met kleurige placemats. De twee meiden liepen als geroutineerde serveersters de tafel voor tien personen te dekken. Servetten, kannen drinken, bestek, de hele mikmak. Het was tijd voor ‘girls talk’: ik hoorde ze over een van de vriendinnetjes vertellen dat die altijd het mooiste plekje met het mooiste bord en glas uitzocht. Het was nog net een constatering. Het meiden-oordeel klonk mild. Gelukkig kunnen meiden van elf nog niet vilein zijn, maar de oefening erin vindt al vroeg plaats.

Ik vluchtte naar boven op zoek naar rust, toen het zesde meisje binnenkwam. Het geluidsniveau werd met elke nieuwe gast hoger. Mijn Lief verzorgde gelukkig alle verdere catering dus de meiden kwamen niets te kort. Ik hoorde haar hakjes klikken tussen de opgewonden meidenstemmetjes heen. Ergens tussen dat geweld moet hond P. wanhopig op zijn kussen hebben gelegen.

Ineens hoorde ik het geluid van de voordeur en was het stil. Ik durfde weer naar beneden. Gewapend met lampionen en tassen waren de meiden vertrokken. De storm dapper trotserend gingen ze van deur tot deur. Terwijl de radio meldde dat een sleepboot door de harde wind omvergeblazen was, liepen de meiden met hun zelfgemaakte lampionnetjes over straat. Toen ze net goed en wel weg waren, viel de novemberregen ongenadig neer.

Ze kwamen doorweekt terug. Twee meiden werd later opgehaald, de rest droop af naar hun huis in de buurt. Natte laarzen, doorweekte sokken, kletsnatte jassen en verwaaide koppies. Lekker warme chocolademelk, met z’n drietjes samen nog tv kijken en af en toe een graai uit de snoeptas. Slechts een van de lampions had de storm overleefd. De rest was op straat gesneuveld in weer en wind. Toen de twee opgehaald werden constateerden beide ouders dat dit wel eens de laatste keer zou zijn geweest. Elk van ons dacht aan de eerste keer lampje-lopen. Vertedering overheerste bij de voordeur. De lampionhoudertjes werden door de meiden netjes meegenomen; wie weet of ze volgend jaar nog nodig zullen zijn. Sint Maarten in de brugklas? ‘Nou, echt niet!’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Laat hier je reactie op het bericht achter.