Kerstwens deel 2

Heb ik een probleem met kerstkaartjes? Nou, in ieder geval elk jaar een keer. Kerst en Nieuwjaar zijn officiële wensmomenten. Het zijn kruispunten van clichés. Probleem daarbij is dat het opgelegd is: en nu ga je iemand iets moois toewensen. Ook is het woordgebruik niet origineel. Het zijn standaardwensen. Ten slotte zijn de wensen niet realistisch. Over het algemeen deden wij vrolijk mee. Maar nu werd het dit jaar tijd voor een ander soort wens.

Een wens

Het werd een aparte wens. Niet een wens met iets positiefs in de zin van:

· ‘goed’,

· ‘fijn’,

· ‘gelukkig’ of

· ‘fantastisch’.

Zo ontstond een droge toewensing: ‘houd vol’, ‘ga zo door’, ‘ploeter maar lekker door’, of zo. De wens zegt: neem afstand van holle frases. Gebruik geen woorden die onhaalbaar zijn. Ontdoe je van de voorgestanste woorden. De wensers ontbreekt het niet aan goede bedoelingen. Ze zijn oprecht. Natuurlijk denkt men na over wat men elkaar toewenst. Al blijkt dat niet altijd.

Een cynische wens?

De wens lijkt cynisch. Cynisme is: een wantrouwende houding tegenover iemands goede bedoelingen of grote ongevoeligheden voor de gevolgen van eigen daden. Ik geloof niet dat ik mensen wantrouw die mij een wens toesturen. De bedoeling van de wenser is in principe goed: hij wenst iets positiefs toe. Hij zegt niet krijg de kolere, maar blijf gezond. Dus cynisch, nee.

Is voortkabbelen realistisch?

Dan maar geen wensen? Nee, maar in ieder geval geen standaardwens. Niet een voorgedrukte kaart, maar een eigen gemaakte wens. In eigen woorden iemand iets toewensen dat was de bedoeling. Dus denk je na wat je zou willen bereiken in 2011. Hopen op stabiliteit, continuïteit: vasthouden wat bereikt is. Vandaar: voortkabbelen, ga lekker door, houd vol. Het lijken wensen van niks, maar probeer het maar eens.

De wens om ‘voort te kabbelen’ is oprecht en realistisch. Waarom zou je iemand iets toewensen wat onmogelijk is? De hemel komt echt niet op de aarde. Wens wat werkelijkheid kan worden. Liever een wens die haalbaar is dan een cliché-wensgedachte die buiten de realiteit staat.

Het is wel wat nonchalant

Wel is de wens wat nonchalant opgetekend. Het zinnetje ‘Je ziet maar in 2011’ hangt er slordig bij. Bekijk het maar, doe maar wat, klooi maar wat aan, dat had er ook kunnen staan. Het is een merkwaardig slot. Het laat de lezer in verwarring achter. Hoe zo: je ziet maar? Laat het de wenser koud wat er met je gebeuren zal? Of moet je het lezen als: kijk goed naar het haalbare in 2011?

Nonchalant, tja,

Cynisch, nee.

Maar onder die ogenschijnlijke nonchalance schuilt iets anders. Eigenlijk is de wens tweeledig: de wens om het vol te houden en de wens je niet te verliezen in clichés. Natuurlijk mag iemand gebruik maken van standaardwensen. Vandaar ook het ‘zie maar’. Zie maar wat je met de wens doet, het is geen verplichting. Als je graag gelooft in superwensen die nooit kunnen uitkomen, dan mag dat. De realistische kerstwens is er een alternatief voor. Of je het oppakt ligt aan jezelf. In die zin is het ‘je ziet maar’ bedoelt

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Laat hier je reactie op het bericht achter.