Eenzaam verjaardagsfeest met blokjes kaas

Ik ben sociaal wat onhandig. Het kan voorkomen dat mijn bedoeling ondersneeuwt in stunteligheid. Dat kan bij feestjes leiden tot vreemde situaties. Bijvoorbeeld dat er niemand komt op je verjaardag. Lang geleden, ik was nog in het bezit van een studentenkaart, was ik ook eens jarig. Ondanks mijn sociale stunteligheid had ik toch enkele vriendschappelijke banden aangeknoopt. Eerlijk gezegd liepen deze banden vooral over de toog en lagen ze na sluitingstijd van de kroeg slap over het cafétafeltje gedrapeerd.

Maar goed, ik meende er goed aan te doen om de jongens ook eens op mijn kamer uit te nodigen voor een verjaardagspartijtje. En dus moesten er hapjes komen. En een kratje bier. En chips en nootjes. En plakjes worst en kaas. Met veel moeite kreeg ik de kaas in blokjes gehakt, een studentenkeuken is niet altijd messcherp ingericht. Alle voorbereidingen liepen gesmeerd. Ik aarzelde even of ik nog prikkertjes bij de kaasblokjes moest serveren. Ik besloot dat het zo wel kon. In mijn kleine studentenkamer duwde ik de schaarse meubeltjes zo tegen elkaar dat al mijn zes gasten keurig naast elkaar konden zitten.

Ze zouden zo komen. Hoorde ik daar al iemand de trap opkomen? Het liep tegen achten. Niemand. Half negen. Ik nam een biertje. Staat de telefoon wel aan? Blokje kaas. Toch maar prikkertjes pakken. Na wat zoekwerk in de keuken, was het kwart voor negen. De bel. Eén vriend kwam binnen. Alleen. Moest ik de andere jongens nu bellen? Nee, dat zou genant zijn. Beter van niet.
Het kratje kregen we samen niet op. De nootjes ook niet. Wel deden we een ultieme poging de kilo kaas weg te knabbelen.

Een week later sprak ik weer af met studievriendjes: het was in de tijd dat Ajax nog wel eens een Europese prijs pakte. Ik had niet gevraagd waarom ze niet gekomen waren. Eigenlijk wist ik het wel. Ik had ze te onhandig uitgenodigd. ‘Misschien vier ik mijn verjaardag nog wel even, misschien kom je eventjes langs? Zie maar wat je doet’ Zo luidde mijn uitnodigingstekst. Achter op mijn studentenfietsje bond ik het bijna volle kratje bier. ‘Ik had er nog een staan, en ik dacht, lekker voor bij de wedstrijd.’ Binnen korte tijd was het kratje leeg. Niemand vroeg nog naar mijn verjaardag. Ook zei niemand iets over de tuperware bak met blokjes kaas, met prikkertjes voorzien van hartelijke gefeliciteerd vlaggetjes.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Laat hier je reactie op het bericht achter.