we moeten echt met elkaar praten 6

6

Ik stapte op het zand en keek de baai in. De inham was klein; het strandje bood eigenlijk net genoeg ruimte voor twee personen. Er lagen twee badlakens uitgespreid. Een kleine blauwe parasol zorgde voor schaduw. Onder de parasol stond een koelboxje. Ik zag de champagnefles in het zand gegraven, waarschijnlijk hoorde ik het openknallen van de champagne zonet toen ik langs het rotspaadje ploeterde. Twee glazen stonden naast de fles. Heel zachtjes klonk een loungemuziekje. Alles leek klaar te staan voor een intiem feestje voor twee. Probleem was dat ik hier alleen was. De schaduw die ik had gezien was verdwenen.

Ik bleef een tijdje staan kijken. 'Waarom ook niet?' sprak ik tegen me zelf en ik ging liggen op een van de badhanddoeken. Ik was moe, bezweet en toe aan wat eten en drinken. Mijn hand ging naar de koelbox. Ik opende de plastic bak. De koelte kwam me tegemoet. Op de blokken ijs, lag een doosje, keurig ingepakt. Mijn naam stond er op. Ik haalde het papier eraf en zag mijn verloren gewaande horloge liggen.

'Kijk, die is weer terug, heb ik voor je geregeld.' Ik draaide met om en keek in haar gezicht. Een dikke grijns stond op haar gezicht. Het water droop van haar bruinverbrande lijf:
'Feliciteer je me niet?'
Ik keek haar vragend aan. Ik had haar verjaardag niet vergeten, onze trouwdag niet, het was ook niet de geboortedag van de hond, waarmee moest ik haar feliciteren. Natuurlijk, we hadden toch iets te vieren, het was dertien jaar geleden dat ze mij had uitgenodigd om iets te gaan drinken in de stad. Feitelijk het beginpunt van onze relatie, al was er die avond niets gebeurd. Wel was de vonk toen overgesprongen. Pas drie weken later zoenden we elkaar voor het eerst en hartstochtelijk. Ik vond dat die datum de echte start verdiende. Zij vond dat het avondje uit de eer verdiende. Vandaar dat ik niet meteen begreep wat ze had bedoeld.

'Liefje, gefeliciteerd met mij,' zei ik. We zoenden elkaar.

'Fijn dat je me hebt gevonden. Leuk he? Zo'n zoektocht.' Ze keek mij verwachtingsvol aan. 'Snap je het al een beetje?'
Ik snapte niets. Ze kwam naast me zitten onder de parasol en legde uit dat ze vannacht mij had horen weggaan. Omdat ik dat wel vaker deed, even een wandeling in de nacht door de tuin en mij 's ochtends daar weinig van kon herinneren, had ze voor de grap het horloge van het nachtkastje gepakt en gedaan alsof ik die kwijtgeraakt was tijdens een nachtelijke kroegbezoek. Toen ik terugkwam had ze gedaan alsof ze heel boos was en had een verklaring geƫist.
'Ik bedacht toen om je te verrassen en je voor de gek te houden, zei ze. 'Ik parkeerde je daarom op dat terras en had de ober de opdracht gegeven je bier te blijven schenken tot ik ongemerkt kon wegrijden. Met die gasten van de kroeg sprak ik af dat ze mij hierheen brachten. Bovendien regelden ze al deze spullen.'
Ik begreep dat de Engelsman door de ober als een bewaker bij me neer was gezet en dat spontane aanbod van de scooter bleek ook al niet zo spontaan te zijn.
'Maar dat sms-je dan, dat was toch wel echt?'
'Soms ben je ook zo dom, iedereen kan toch een bericht sturen zonder dat de afzender bekend is? Zelfs ik!'
'En ik maar zoeken en ploeteren, ik had wel dood kunnen zijn.' Ik vertelde van de aanrijding en liet mijn pleisters zien. Ik keek haar boos aan.
'Gelukkig zit je hier nu heelhuids, althans bijna, stop met sippen. Kom op, laten we klinken op de liefde. Hier drink op.'
Ze straalde en hief haar glas op dat ze vol bruisende champagne had ingeschonken. 'Op nog veel liefdevolle jaren.'
'Vooruit dan maar,' capituleerde ik, 'op ons geluk.'

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Laat hier je reactie op het bericht achter.