Wakker in een hotelkamer

Ik werd vanochtend wakker in een hotelkamer. Naast mij een slapende vrouw. Het rode lampje van de tv, die stand by aan de wand hangt, staart me aan. De wekkerradio op mijn nachtkastje doet het niet. Geen notie van tijd. Het gordijn en de luxaflex sloten al het daglicht uit, als dat er al was. Van buiten klinken geluiden. Geklingel, gebonk en een zware dieselmotor. Waarschijnlijk wordt een café bevoorraad. In de kamer naast me kucht iemand, voor de zoveelste keer. Een bed kraakt. Ik luister aandachtig, maar het blijft bij het geluid van een omdraaiend persoon. Jammer.

Nu is het stil. Eerder in de nacht klonken harde stemmen en een diepe basdreun uit een van de cafés hier op het plein. Gelal en gelach, geroep en gegil. Het lukte me om me af te sluiten van het lawaai. Gewoon gaan liggen, ogen dicht en slapen.

Mijn maag knort. Het ontbijt komt eraan. Niet op de kamer maar beneden in het café. Zachtjes open ik het gordijn en tuur naar buiten. Het plein is nat van de regen. Mannen met kratten lopen de kroegen binnen, brengen nieuwe drank en hapjes. Een grap wordt gemaakt, lachen. De motoren brommen. Het is meer dag dan ik had gedacht in de donkere kamer. Eigenlijk heb ik lang genoeg geslapen.

Ik ben wakker in een hotelkamer. Naast mij nog steeds een slapende vrouw.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Laat hier je reactie op het bericht achter.