De Vlucht 2

2

De weg naar de gate is lang. Bjorn loopt langs winkels met elektronica en tijdschriften. Er zijn shops met chocola en Hollandse souvenirs. Delfts blauwe molentjes, klompjes en gekleurde namaaktulpen. In een stropdassenboetiek ziet hij een donkerblauwe zijden das.

‘Deze das wil ik graag,’ zegt hij tegen de verkoper. Hij draagt nooit dassen, maar nu is alles anders. ‘Wilt u hem voor mij strikken zodat ik hem meteen om kan?’ De verkoper helpt Bjorn. Het is een kortdurend intiem moment. De verkopers aftershave prikkelt Bjorns neus. In de spiegel ziet hij er zakelijker dan ooit uit. Hij knikt goedkeurend. Met zijn nieuwe creditcard rekent hij af. Het colbert en de das geven hem een uiterlijk dat hij nooit had gedacht te krijgen.

Hij vervolgt zijn weg naar de gate. Koopt een krant en een opschrijfboekje in de kiosk. Een stripje kauwgom verdwijnt zonder te betalen in zijn zak. Altijd handig bij het opstijgen, denkt hij. Overal hangen schermen met reizigersinformatie. Nog zes minuten voordat het boarden begint. Nog steeds loopt hij alleen. Voor de ingang van de wachtruimte bij gate D21 staan twee beveiligingsmannen. Er klinken stemmen uit hun mobifoons. De hand van de rechtse man rust op zijn riem, waar een wapen aan hangt. Bjorn draait zich om. Nog een keer kijkt hij achter zich en dan ziet hij wat hij al die tijd had willen zien. ‘Niet zo snel man, sta es stil,’ roept ze. Haar bagagetrolley stuiters over de tegels, haar laarzen tikken hard op de tegelvloer. Het rossige krullerige haar met de zonnebril om haar gezicht dat rood van inspanning is, ze is er. ‘Kut man, die ellendige treinen, ik heb een half uur voor Schiphol in de focking tunnel vastgezeten. Geen beweging, geen mededeling, niets, maar ik ben er. Waarom draag jij een das?’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Laat hier je reactie op het bericht achter.