Inbreken in mijn eigen huis

Soms kan ik niet zo goed slapen. Zo ook vannacht, ik werd wakker, ging het bed uit en dacht even naar buiten te gaan om een te worden met de nachtelijke sterrenhemel. De frisse lucht deed wonderen, de sterren stonden te schitteren en de straten waren leeg in mijn buitenwijk. Toen ik genoeg frisse lucht had gehad, sterker toen de licht te fris werd, wilde ik weer naar binnen. Niet dus. Sleutel binnen laten liggen. Het was drie uur of half vier. Daar stond ik op de oprit, zweet in mijn handen, wanhoop in mijn hoofd. Hoe kwam ik nou toch binnen? Ik checkte al de deuren. Garage op slot, schuifpui afgesloten, voordeur in het slot. Een sleutel, in het handschoenenkastje van de Toyota, die kon ik pakken omdat ik de wagen niet had afgesloten. Ik zocht vond en concludeerde dat het een sleutel van een vorig huis was, of weet ik veel van wie. Ik probeerde vervolgens met een stevig bamboestokje dat normaal plantjes rechtop hield, door de brievenbus te steken om de deurklink te openen. Maar mijn hand was te dik om goed te kunnen manoeuvreren. Van de voorkant kon ik het huis niet binnenkomen. De overburen hebben een reservesleutel, maar om hen midden in de nacht wakker te bellen is niet zo goed voor de onderlinge relaties. 
Dus naar de achtertuin. Maar die grenst niet aan de openbare weg, gelukkig hebben de buren wel een tuin die makkelijk via een laag hekje te bereiken is. Als een volleerd inbreker liep ik door de buurtuin. Ik zocht een goede plek om over de schutting te klimmen en ik moet zeggen ik klom fluks over de afscheiding heen en belandde veilig in eigen tuin, maar nog steeds buiten.
Iets in me had gehoopt de tuindeur open aan te treffen. Helaas, keurig op slot gedaan. Net als de deur naar de studeerkamer, hermetisch afgesloten. Oeps, wat te doen?

In mijn zak droeg ik mijn mobiel. Ik zocht naar mijn thuis nummer, ik twijfelde, hoe slim was het om te bellen en mijn lief uit haar slaap te wekken? Zou ze schrikken, boos worden of mij hartelijk uit lachen? Ik aarzelde en wikte en woog. De accu van de telefoon liep langzaam leeg. Veel tijd om na te denken had ik niet. Het was of bellen of buiten blijven. Buiten zou beteken op de veranda op de bank liggen, of in de auta slapen. Met elke seconde die ik wachtte werd het zekerder dat ik buiten zou blijven. Ik drukte wat toetsjes in en liet mijn vinger kort hangen boven het icoontje bellen thuis. Toen hoorde ik binnen de telefoon over gaan. Binnen drie tellen ging het licht aan in onze slaapkamer, maar niemand nam op. Ik sprak in op het antwoordapparaat en hoopte er het beste van. Vanuit de achtertuin zag ik na een tijdje, ik stond op het punt opnieuw te bellen, toen ik Mijn Lief door de kamer zag lopen op zoek naar de handset van de huistelefoon, die voor de verandering gewoon op het basisstation was neergezet, in plaats van onder een stapel kranten of tussen de afwas.
Met open armen werd ik uiteindelijk bevrijd door haar, al geef ik eerlijk toe dat ik kort vreesde dat ze uit onvrede met haar verstoorde nachtrust mij gewoon in de tuin zou laten staan, maar zo is ze niet. Ik mocht binnen komen. Opgelucht en verkleumd, keerde ik terug in bed, het duurde even voor ik de slaap kon hervatten.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Laat hier je reactie op het bericht achter.